Vind technisch werk bij Technicum uitzendbureau in januari 2020

Technicum uitzendbureau zoekt ook tegen het einde van de maand januari 2020 naar technisch personeel. Meestal start het jaar rustig en worden er aan het begin van januari weinig vacatures open gezet in de techniek. Tegen het einde van de maand neemt het aantal vacatures echter toe. Dat komt omdat de meeste bedrijven een afwachtende houding aannemen tijdens de start van het nieuwe jaar. Technicum merkt deze ontwikkeling en onderhoud goed contact met haar opdrachtgevers. Net als elk jaar neemt de kans op werk geleidelijk toe naarmate januari verstrijkt. Daarom hebben mensen die zich inschrijven bij Technicum in de loop van deze maand steeds meer kans op werk.

Werk zoeken in de techniek is niet eenvoudig. daarvoor kun je best wat ondersteuning gebruiken. Technicum uitzendbureau kent de markt en weet precies welke technische bedrijven het druk hebben en welke niet. Omdat Technicum voor meerdere werkgevers op zoek is naar technisch personeel kan deze uitzendorganisatie vaak meerdere vacatures aan werkzoekenden voorleggen. Zo is er ook nog keuze en dat is wel prettig als je op zoek bent naar de ideale baan. Technicum is bovendien VCU gecertificeerd. Dat betekent dat deze uitzendorganisatie veel aandacht besteed aan veiligheid, gezondheid en milieu in haar arbeidsbemiddeling.
Wil je meer weten over het vacatureaanbod van Technicum klik dan op de knop “Vacatures Technicum”. Deze knop tref je aan op de menubalk van deze website.

Technischwerken.nl zet samenwerking met Technicum uitzendbureau voort in 2020

Het afgelopen jaar heeft Technischwerken.nl succesvol samengewerkt met Technicum uitzendbureau. Deze samenwerking is effectief omdat Technischwerken.nl zich vooral richt op het verstrekken van informatie over de techniek, de arbeidsmarkt en alles wat daarmee samenhangt. Wat Technischwerken.nl echter niet heeft is vacatures voor technische functies en daarnaast heeft Technischwerken.nl ook geen opleidingen in haar dienstverlening. Technicum heeft deze dienstverlening echter wel.

Technicum is een onderdeel van USG people en een VCU gecertificeerd uitzendbureau en legt de nadruk op specialisme en veiligheid in haar arbeidsbemiddeling. Daarom werkt Technicum samen met VCA gecertificeerde bedrijven. Technischwerken.nl vormt in deze samenwerking een bron van informatie over de techniek. Ook wordt op de website van Technischwerken.nl het relevante nieuws over de arbeidsmarkt up-to-date gehouden. De ontwikkelingen die bij Technicum plaatsvinden worden bovendien op Technischwerken.nl gedeeld met een groot publiek. In 2019 heeft Technischwerken.nl ruim 1 miljoen bezoekers gehad op haar website.

Velen daarvan hebben via de vacaturelink naar Technicum een nieuwe baan kunnen vinden. Ook hebben veel bezoekers via de BBL link naar Technicum een nieuwe technisch opleiding kunnen vinden. Ook in 2020 zal deze samenwerking worden voortgezet zodat zoveel mogelijk mensen kennis krijgen van de techniek en een passende opleiding en baan kunnen vinden. Zo wordt de technische arbeidsmarkt verreikt en wordt deze arbeidsmarkt voorzien van nieuwe vakkrachten. Deze vakkrachten zijn hard nodig in de toekomst.

Belangrijke ontwikkelingen voor VCU uitzendbureau eind 2019

VCU uitzendbureaus zijn uitzendbureaus die gecertificeerd zijn om VCA gecertificeerde bedrijven te ondersteunen bij het invullen van vacatures van technisch personeel. In Nederland zijn er verschillende uitzendbureaus die VCU gecertificeerd zijn. Een voorbeeld van een VCU uitzendbureau is Technicum uitzendbureau, een uitzendbureau dat onder USG People valt. Aan het einde van 2019 is duidelijk dat VCU uitzendbureaus in een turbulente arbeidsmarkt zijn beland. Dat heeft onder andere te maken met de Wet Arbeidsmarkt in Balans. Deze wet die ook wel wordt afgekort met WAB treed per 1 januari 2020 in werking en zorgt er voor dat flexibele arbeid in Nederland voor werkgevers duurder wordt. Dat heeft onder andere te maken met de WW-premie differentiatie.

Voor werkgevers betekent de WW-premiedifferentiatie dat men voor flexkrachten vijf procent meer WW-premie moet betalen dan voor vaste krachten. Het gevolg is dat flexkrachten duurder worden dus ook uitzendkrachten en gedetacheerd personeel. Bedrijven in de techniek en de bouw hebben echter tegen het einde van 2019 met meer problemen te maken gehad. De Stikstofcrisis deed haar intrede een paar maanden geleden en heeft diepe sporen nagelaten in de bouw en de civiele techniek. Na een behoorlijke periode drong dat ook door bij het Kabinet en werden noodmaatregelen ingevoerd. Het gevolg was dat een aantal bouwprojecten door kon gaan met forse vertraging. Dat heeft er voor gezorgd dat de bouwsector een moeizame tijd heeft doorgemaakt.

Daar kwam de problematiek rondom de PFAS nog bovenop. Ook op dit gebied bleek de overheid een te strenge normering te hanteren. Het grondverzet in Nederland kwam klem te zitten en ook baggerbedrijven hadden het moeilijk. Na een tijd werd ook op dit gebied de norm aangepast. Het gevolg was dat ook in de civiele techniek, grondwerk en baggerwerk vertraging werd opgelopen. VCU uitzendbureaus merken deze ontwikkelingen door een teruglopende vraag naar technisch personeel. Ook kwamen er meer flexkrachten beschikbaar. Bedrijven in de techniek kijken extra kritisch naar hun personeelsbestand aan het einde van 2019. Met name de flexibele schil wordt bij veel bedrijven aanzienlijk uitgedund vooral nu flexibele arbeid zoveel duurder is geworden door de Wet Arbeidsmarkt in Balans.

Werk via technisch uitzendbureau en maak kennis met de techniek

Technische uitzendbureaus zijn de ideale opstap naar een loopbaan in de techniek. Dat komt omdat technische uitzendbureaus verschillende vacatures open hebben staan in technische sectoren. Uitzendbureaus krijgen niet alleen vacatures binnen voor ervaren krachten maar ook voor assistenten en instromers. Op die manier kunnen ook mensen met minder technische kennis en met minder ervaring in de techniek toch vaak aan de slag via een technisch uitzendbureau.

VCU uitzendbureau
Natuurlijk draait technisch werk niet alleen om kennis, de veiligheid is nog belangrijker. Daarom bieden uitzendbureaus in de techniek vaak specifieke veiligheidsopleidingen aan zoals VCA basis en VCA Vol. Vooral VCU gecertificeerde uitzendbureaus besteden veel aandacht aan veiligheid op en rondom de werkvloer. Daarom bieden deze uitzendbureaus in ieder geval VCA basis en VCA Vol aan hun uitzendkrachten en gedetacheerd personeel. In de praktijk kunnen echter ook aanvullende opleidingen vereist zijn zoals NEN certificaten bijvoorbeeld NEN-3140 en NEN-1010.

Personeelsinstructie
Een VCU uitzendbureau weet vanuit de doorgeleidingsplicht precies wat de opdrachtgevers in de techniek vereisen van hun uitzendpersoneel. Deze uitzendbureaus dien echter meer dan reguliere uitzendbureaus in de techniek. De personeelsinstructieformulieren zijn in de praktijk vaak duidelijker en uitgebreider. Daarnaast bieden VCU uitzendbureaus ook persoonlijke beschermingsmiddelen aan hun uitzendkrachten zoals werkschoenen en werkkleding. Ook specifieke beschermingsmiddelen zoals een laskap en gehoorbescherming op maat behoort tot de mogelijkheden. Als je voor veiligheid kiest is een VCU uitzendbureau de beste keuze.

Werken voor een VCU uitzendbureau
Er zijn verschillende VCU uitzendbureaus in Nederland. Een voorbeeld van een uitzendbureau met een VCU certificaat is Technicum. Met dit uitzendbureau werken wij samen. Als je benieuwd bent naar het vacatureaanbod van dit uitzendbureau kun je klikken op de knop “vacatures Technicum” in de menubalk. Ook op het gebied van BBL opleidingen heeft dit uitzendbureau veel kennis. Via de knop “BBL Technicum” kom je over dit onderwerp meer te weten.

Technicum investeert in technische kennis van consultants in 2019

Technicum uitzendbureau is een intermediair die actief is op de technische arbeidsmarkt. Het uitzendbureau is VCU gecertificeerd en bemiddeld technisch personeel voor verschillende toonaangevende VCA gecertificeerde bedrijven. Net als andere spelers op de arbeidsmarkt merkt ook Technicum dat er een steeds groter tekort ontstaat aan technisch personeel. Vraag en aanbod sluiten op de arbeidsmarkt in veel gevallen niet goed op elkaar aan. In die situaties kan een ervaren consultant van een gespecialiseerd uitzendbureau zoals Technicum het verschil maken. Door een creatieve arbeidsbemiddelingen kunnen vraag en aanbod bij elkaar worden gebracht en kunnen nieuwe arbeidsrelaties ontstaan.

Technische kennis
Een belangrijk aspect bij arbeidsbemiddeling in de techniek is technische kennis. Ten opzichte van andere uitzendorganisaties is bij Technicum veel technische kennis aanwezig. Dat komt onder andere omdat een grote groep consultants langdurig voor Technicum werkt waardoor de kennis en ervaring toeneemt. Deze kennis en ervaring is van belang voor zowel, klanten als werkzoekenden die een uitdagende baan zoeken in de techniek. Daarnaast is kennis over de techniek ook belangrijk voor nieuwe consultants die in deze dynamische sector aan de slag gaan.

Opleidingsprogramma
Om die reden heeft Technicum besloten om haar nieuwe consultants specifiek te ondersteunen op het gebied van technische kennis. De organisatie heeft hiervoor zelf een opleidingsprogramma laten ontwikkelen dat goed aansluit bij de dagelijkse werkzaamheden van consultants in die personeel bemiddelen in de metaaltechniek. Inmiddels is begin maart 2019 de eerste training gegeven welke door de deelnemers met enthousiasme werd gevolgd. De eerste stappen zijn gezet in de technische ontwikkeling van consultants in de metaaltechniek. Binnen korte tijd worden ook specifieke interne trainingen ontwikkeld voor consultants die actief zijn in de installatietechniek en elektrotechniek.

Ervaring delen
De trainingen worden gegeven voor een ervaren consultant die ruim tien jaar actief is bij Technicum en in verschillende sectoren technisch personeel heeft bemiddeld. Op die manier is de toepasbaarheid van de informatie die tijdens de trainingen wordt gegeven gewaarborgd. De trainingen worden voortdurend op niveau gehouden door nieuwe ontwikkelingen waarmee bedrijven en uitzendkrachten in de techniek te maken krijgen te implementeren in de lesstof.

Werken bij Technicum
Technicum investeert in haar personeel zodat de kwaliteit van de arbeidsbemiddeling in de techniek op niveau blijft. Door deze investeringen te doen worden zowel nieuwe collega’s van Technicum ondersteund en kunnen ook bedrijven en werkzoekenden bij elkaar worden gebracht. Werken bij een technisch uitzendbureau is uitdagend en afwisselend. Mocht je zelf interesse hebben in een baan bij Technicum neem dan contact met ons op via het contactformulier.

BBL afkorting

BBL is een afkorting die staat voor beroepsbegeleidende leerweg of Beroeps Begeleidende Leerweg (met hoofdletters) en is een Nederlandse variant van middelbaar beroepsonderwijs (mbo) in de vorm van werken en leren. In Nederland worden verschillende BBL opleidingen aangeboden door regionale opleidingscentrums die ook wel ROC’s worden genoemd. Ook een agrarisch opleidingscentrum (AOC) kan BBL opleidingen aanbieden op middelbaar beroepsniveau. De afkorting BBL maakt echter nog niet duidelijk welke opleidingsrichting iemand heeft gevolgd. Er zijn veel opleidingen op mbo niveau waar de afkorting BBL voor wordt gezet. Zo kun je bijvoorbeeld de opleiding BBL werktuigbouwkunde volgen of BBL mechatronica. De afkorting BBL maakt echter wel duidelijk op welke manier de leerling de opleiding heeft gevolgd. Daarover lees je hieronder meer.

BBL of leerlingwezen
Tegenwoordig gebruikt men de afkorting BBL wanneer men het over werken en leren of werkend leren heeft. Tot 1997 werd de combinatie van werken en leren ook wel het leerlingwezen of leerlingenstelsel genoemd. Tijdens een BBL-opleiding werkt de BBL-leerling bij een erkend leerbedrijf dat hem of haar ondersteund bij de ontwikkeling tot vakkracht. De BBL-leerling sluit voor zijn of haar opleiding een praktijkovereenkomst af met zowel het erkend leerbedrijf als met het opleidingsinstituut. Soms is er ook nog een derde partij betrokken zoals een uitzendbureau wanneer de BBL’er door het uitzendbureau wordt bemiddeld en betaald.

De BBL’er is door de week vaak op zijn of haar werk aanwezig. Daar worden vaardigheden en competenties ontwikkeld. Bovendien ontwikkelt de BBL’er ook een beroepshouding. Daarbij moeten vaak ook praktijkopdrachten worden gedaan waarin de BBL-leerling de vaardigheden die hij heeft geleerd op school ook in de praktijk kan toepassen. Tijdens een BBL-opleiding is het praktijkdeel ongeveer zestig tot tachtig procent en het gedeelte dat de leerling op school zit twintig tot veertig procent. Naast BBL is er ook de BOL opleidingsvariant. Deze variant van het middelbaar beroepsonderwijs is in de volgende alinea nader omschreven.

BBL of BOL?

Een leerling kan op het middelbaarberoepsonderwijs vaak kiezen om een opleiding in BBL of BOL variant te volgen. BOL is een afkorting die staat voor beroepsopleidende leerweg of Beroeps Opleidende Leerweg (met hoofdletters) en verschilt van BBL op een aantal punten. De BBL variant is de praktijkgerichte variant zoals je hiervoor hebt kunnen lezen. De BOL variant is minder praktijkgericht dan BBL. De verhouding tussen theorie en praktijk liggen bij de BOL variant ook anders. Tijdens de BOL opleiding is de leerling of deelnemer ongeveer tachtig procent van de tijd op school aanwezig om daar theorie maar ook praktijk te leren in een praktijklokaal. De overige twintig procent is het praktijkdeel van de opleiding dat gevolgd wordt tijdens een stage die ook wel beroepspraktijkvorming of bpv wordt genoemd. De stage die een leerling volgt tijdens een BOL opleiding is meestal onbetaald terwijl een BBL-leerling vaak wel loon krijgt over de uren dat hij of zij werkzaam is bij een erkend leerbedrijf. Dit is ook het geval wanneer de BBL’er via een uitzendbureau een BBL opleiding volgt bij een erkend leerbedrijf. In dat geval betaald het uitzendbureau aan de BBL’er een salaris dat is afgestemd met het erkend leerbedrijf waar de BBL’er zijn of haar werkzaamheden uitvoert.

Kiezen tussen BBL of BOL
Leerlingen die van het VMBO afkomen of voortijdig uitstromen uit de HAVO of VWO krijgen vaak de keuze tussen BBL of BOL wanneer ze naar een ROC of andere middelbare opleiding gaan. Veel leerlingen en hun ouders vragen zich dan af wat nu het beste is. Deze vraag kan echter alleen worden beantwoord wanneer men kijkt naar de manier waarop de persoon leert. Er zijn mensen die vooral goed leren door in de praktijk aan de slag te gaan. Deze praktisch ingestelde mensen kunnen wellicht beter op hun plek zijn op een BBL-opleiding. Daarnaast zijn er ook mensen die juist graag theoretisch les willen krijgen. Dit zijn mensen die van nature goed kunnen leren. Deze groep zou eventueel kunnen doorstromen baar een Hbo opleiding. De overstap van BBL naar Hbo is over het algemeen moeilijker dan van een BOL naar het Hbo omdat de leerwijze op het Hbo meer overeenstemming heeft met de leerwijze op het BOL dan met BBL. Ook de toekomstplannen van de (aankomend) leerling spelen daarom een rol bij de keuze tussen BBL en BOL.

Oorzaken en oplossingen voor tekort aan BBL leerlingen in de techniek

Nederland heeft een tekort aan vakkrachten en leerlingen die een BBL-opleiding volgen. Verschillende bedrijven in de techniek en de bouw staan open voor meer BBL leerlingen maar ze merken dat er nauwelijks leerlingen beschikbaar zijn. Juist BBL-ers, zoals BBL leerlingen ook wel worden genoemd, zijn belangrijk voor de toekomst van bedrijven in de uitvoerende techniek en bouw. Het is belangrijk om de oorzaken van het tekort aan BBL-leerlingen te achterhalen voordat men oplossingen gaat bedenken voor het probleem. Allereerst is het natuurlijk van belang om te weten wat BBL is. In de volgende alinea lees je hier meer over.

Wat is BBL?
BBL is de Beroeps Begeleidende Leerweg. Dat betekend dat leerlingen of deelnemers aan een BBL-opleiding vooral praktijkgericht leren. Een BBL opleiding heeft daarvoor een speciale mix van praktijk en theorie. In de praktijk betekend dit dat een leerling op een BBL opleiding voornamelijk werkzaam is bij een erkend leerbedrijf. Een BBL-er zal gemiddeld drie tot vier dagen bij een erkend leerbedrijf werken en ongeveer één dag naar school gaan. Bij het erkende leerbedrijf wordt de BBL leerling ondersteund bij het ontwikkelen van vaardigheden die horen bij de opleiding. Een goede begeleiding vanuit het leerbedrijf is daarbij van groot belang.

Naast het werken bij het leerbedrijf zal de leerling ook wekelijks ongeveer één dag naar school moeten om de theoretische aspecten van de opleiding te leren. Daarnaast wordt de schooldag gebruikt voor praktijklessen waardoor bepaalde competenties en vaardigheden kunnen worden getraind. Op die manier kan de BBL-er zijn of haar meerwaarde voor een bedrijf vergroten. Daarnaast krijgt de BBL-er ook meer voldoening uit zijn of haar opleiding omdat hij of zij in de theorie leert hoe werkzaamheden uitgevoerd moeten worden en daarnaast ook de kans krijgt om deze werkzaamheden in de praktijk toe te passen. Het nut van de theorie bewijst zich daardoor in de praktijk. Veel mensen met een praktische instelling kiezen daarom voor een BBL opleiding.

Tekort aan BBL-ers in de techniek
Vooral in de techniek en de bouw is er sprake van een behoorlijk tekort aan uitvoerende technici en bouwvakkers. De technische sector en de bouw hebben te maken met vergrijzing en er is nauwelijks instroom van jonge vakkrachten. Dit is het gevolg van de economische crisis. De economische crisis kwam hard aan in de bouw en de techniek. De banken werden door de overheid geholpen maar bouwbedrijven, metaalbedrijven en installatiebedrijven werden bijvoorbeeld vaak aan hun lot overgelaten. Dat had tot gevolg dat er in de metaalsector, de bouwsector maar ook in de installatiebranche veel personeel werd ontslagen. Dit ontslag kon plaatsvinden vanwege een reorganisatie maar ook faillissementen kwam regelmatig voor. Vanwege deze ontwikkelingen kwamen de bouw en de techniek meestal niet op de eerste plek als leerlingen voor een specifieke opleidingsrichting moesten kiezen. Dit had een beperkte instroom aan leerlingen op technische opleidingsinstituten op het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) tot gevolg.

Oplossingen voor tekort aan BBL-ers
Er zijn een aantal oplossingen voor het tekort aan BBL-ers. Een belangrijke oplossing is het samenwerken tussen opleidingen die BBL trajecten aanbieden en het bedrijfsleven. Het bedrijfsleven weet waar behoefte aan is. Dat blijkt onder andere uit het aantal vacatures in een bepaalde sector. Sommige vacatures zijn nu nog vacant maar zouden prima ingevuld kunnen worden doormiddel van een aankomend vakkracht zoals een BBL leerling. Door de samenwerking tussen bedrijven en mbo-instellingen te optimaliseren worden behoeftes beter op elkaar afgestemd. Vraag en aanbod komen bij elkaar. Uiteraard is het daarbij van belang dat er wordt samengewerkt met erkende leerbedrijven.

Erkend leerbedrijf
Niet alle bedrijven zijn een erkend leerbedrijf. De Stichting Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB) speelt hierbij een belangrijke rol. Bedrijven kunnen bij de SBB een aanvraag indienen om een erkend leerbedrijf te worden. De SBB toetst dan of het bedrijf daadwerkelijk een goede leeromgeving biedt voor een BBL leerling. Daarbij wordt gekeken naar de begeleiding van de BBL-er maar ook naar de veiligheid op en rondom de werkplek. Werkt men bijvoorbeeld met veilige machines en zijn er voldoende aanspreekpunten voor de BBL-er wanneer deze vragen heeft met betrekking tot de opleiding of de werkzaamheden. Een goede werkinstructie is belangrijk. Veel bedrijven in de techniek werken daarom op basis van VCA.

VCA en BBL
VCA betekent Veiligheid, gezondheid en milieu Checklist Aannemers en is een belangrijk aspect van het veilig en gezond werken in de techniek. Veel bedrijven in de techniek werken op basis van de richtlijnen die worden geboden vanuit het VCA. Deze bedrijven hebben VCA gekoppeld aan hun arbobeleid. Veel bedrijven die VCA gecertificeerd zijn hebben ook van de SBB goedkeuring gekregen om BBL-ers te begeleiden. Dat betekend dat deze VCA gecertificeerde bedrijven vaak erkende leerbedrijven zijn maar dat hoeft niet. Daarom moeten BBL-ers van te voren goed informeren of het daadwerkelijk een erkend leerbedrijf is of niet. Wanneer een BBL-er gaat werken bij een erkend leerbedrijf dat tevens VCA gecertificeerd is zal de BBL-er zelf ook een VCA Basis moeten behalen. Dit kan een onderdeel van de opleiding vormen als je een technische opleiding volgt in bijvoorbeeld de installatietechniek, elektrotechniek maar ook in de bouw.

BBL opleiding volgen via een Technisch uitzendbureau
Als je hebt besloten om een technische BBL opleiding te gaan volgen heb je vaak de keuze uit een enorme hoeveelheid erkende leerbedrijven. De keuze voor een bepaald leerbedrijf kan daardoor heel moeilijk zijn. Steeds meer BBL-ers kiezen er daarom voor om een technisch uitzendbureau of een VCU uitzendbureau te vragen om hulp. Een technisch uitzendbureau heeft vaak een goed beeld van de markt en kan daardoor de BBL-er goed ondersteunen bij het kiezen voor een bedrijf dat goed aansluit bij de wensen en opleiding van de BBL-er. Een technisch uitzendbureau weet daarnaast vaak ook welke bedrijven uitdagende projecten bieden en welke niet. Ook het machinepark en het personeel van een bedrijf is een belangrijk aspect. Veel uitzendbureaus bemiddelen uitzendkrachten bij verschillende bedrijven in de techniek. Vanuit deze uitzendkrachten horen de uitzendbureaus hoe bedrijven met hun personeel omgaan en wat de werksfeer is. Dat is ook een belangrijk aspect om mee te nemen in de keuze voor een erkend leerbedrijf om een BBL opleiding succesvol af te ronden.

BBL opleiding via Technicum uitzendbureau

De website Technischwerken.nl heeft een samenwerkingsverband afgesloten met uitzendbureau Technicum. Dit uitzendbureau is VCU gecertificeerd en is al decennia lang actief in het bemiddelen en detacheren van technisch personeel. Bovendien heeft het uitzendbureau Technicum ook verschillende BBL-ers ondergebracht bij erkende leerbedrijven. De opleidingscoördinators en consultants van Technicum ondersteunen de BBL-ers bij de vorderingen met betrekking tot hun opleiding. Bovendien hebben deze opleidingscoordinators een uitstekend contact met mbo-opleidingsinstituten door heel Nederland. Als je interesse hebt in een BBL traject kun je een bericht sturen via het contact-formulier van Technischwerken.nl of je kunt het speciale aanmeldformulier voor een BBL-traject invullen. Dit aanmeldformulier vind je via de knop ‘BBL’.

Conjunctuur en uitzendbureaus

Conjunctuur is een term die verband houdt met de economie en wordt gebruikt om veranderingen in de economische groei mee aan te duiden in een bepaalde periode. De economie is allerminst een stabiele factor. In plaats daarvan is de economie onderhevig aan politieke en sociale ontwikkelingen. Ook de aanwezigheid of afwezigheid van grondstoffen hebben een invloed op de economie en daardoor ook een invloed op de conjunctuur. De economie heeft echter op haar beurt weer invloed op de arbeidsmarkt. Als het goed gaat met de economie is het effect daarvan meestal merkbaar in de arbeidsparticipatie van de beroepsbevolking van een land. Juist op dit vlak vormen uitzendbureaus als intermediair op de arbeidsmarkt een belangrijke graadmeter.

Uitzendbureaus bewegen mee met de conjunctuur
Uitzendorganisaties bemiddelen flexibel personeel waaronder uitzendkrachten en gedetacheerd personeel die ook wel detakrachten worden genoemd in het vakjargon van het uitzendbureau. Daarnaast bieden veel uitzendbureaus ook payrollconstructies aan. In deze constructies worden payrollers ingezet bij grote bedrijven wanneer het wat drukker wordt. De meeste bedrijven zien flexkrachten als een effectieve oplossing om piekdrukte op te vangen en grote orders weg te werken. Om die reden worden uitzendbureaus vaak als één van de eerste organisaties benaderd voor extra personeel. Geen wonder dat uitzendbureaus worden beschouwd als graadmeter voor de economie. Wanneer het namelijk beter gaat met de economie en dus ook met de arbeidsmarkt dan zullen uitzendbureaus dat snel merken door de vacaturestroom die ze ontvangen van hun opdrachtgevers.

Beschikbaar personeel op de arbeidsmarkt
De toestroom van vacatures vanuit opdrachtgevers is slechts één aspect waarmee uitzendbureaus te maken krijgen. Uitzendondernemingen zijn een intermediair dat houdt in dat ze als een soort tussenpersoon actief zijn in de markt. Aan de ene kant van de markt staan de opdrachtgevers met de vraag om flexibel personeel en aan de andere kant is het aanbod van personeel in de vorm van werkzoekenden. Deze werkzoekenden kunnen zowel werkloos zijn als een baan hebben maar toe zijn aan een nieuwe (uitdagender) functie. Uitzendbureaus vervullen tussen dit vraag en aanbod van personeel een belangrijke rol. Het bij elkaar brengen van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt is namelijk niet eenvoudig.
De vraag naar personeel kan groter zijn dan het aanbod en andersom is ook mogelijk. Denk hierbij aan de economische crisis. Rond 2013 was de vraag naar technisch personeel en bouwpersoneel in Nederland rond een dieptepunt beland. Er werden veel ervaren krachten ontslagen of hun contracten werden niet verlengd. Inmiddels is in 2017 en 2018 de situatie omgekeerd en weten bedrijven niet meer waar ze ervaren technische krachten vandaan moeten halen zo druk hebben ze het. Juist dan schakelen bedrijven weer uitzendbureaus in om de zoektocht naar personeel zoveel mogelijk te verbreden.

Uitzendbureaus doen meer
Een uitzendbureau is echter meer dan een zoekmachine naar personeel of vacatures. Deze intermediairs doen veel meer op de arbeidsmarkt. Zo leveren ze ook loopbaanadviezen aan personeel. Uitzendkrachten en werkzoekenden kunnen vaak bij een uitzendbureau advies krijgen over de mogelijkheden die ze hebben op de arbeidsmarkt met hun cv, werkervaring en opleidingsniveau. Dat maakt dat uitzendbureaus een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling van de loopbaanperspectieven van werkzoekenden. In de praktijk zijn veel uitzendbureaus actief met het verstrekken van opleidingen en cursussen aan uitzendkrachten om hun meerwaarde voor het uitzendbureau en de arbeidsmarkt te vergroten. Veel uitzendbureaus bieden specifieke opleidingen aan uitzendkrachten. Hierbij kun je denken aan BBL-trajecten maar ook aan opleidingen in de mechatronica, lasopleidingen, lascertificaten en veiligheidscertificaten zoals VCA Basis en VCA VOL. De laatste certificaten werden vooral door VCU uitzendorganisaties aangeboden maar tegenwoordig bieden zowel VCU uitzendbureaus als niet VCU gecertificeerde uitzendbureaus VCA certificaten aan hun uitzendpersoneel. De opleidingen en trainingen zorgen er in ieder geval voor dat uitzendkrachten worden ontwikkeld tot vakmensen die veilig kunnen werken in de bouw en de techniek. Dit zijn echter maar een paar voorbeelden. Er zijn natuurlijk veel meer aspecten waarop technische en niet-technische uitzendbureaus zich op richten.

Uitzendbureaus blijven belangrijk in de conjunctuur
De flexibilisering van de arbeidsmarkt is een feit. Kijk maar naar de groei in het aantal zelfstandigen zonder personeel oftewel de zzp’ers. Deze groep wordt steeds groter op de arbeidsmarkt maar de groep werknemers die als uitzendkracht werkt wordt ook steeds groter. Het UWV en andere instanties hebben al regelmatig opgemerkt dat er in tijden van economische groei veel werkzoekenden aan een baan geholpen worden door een uitzendbureau. Dat zal in de toekomst ook het geval blijven.

Uitzendbureaus helpen de arbeidsmarkt vooruit en zorgen er voor dat het aanbod aan personeel en de vraag vanuit de arbeidsmarkt goed met elkaar worden samengesmolten. Daarvoor is ervaring nodig en (loopbaan)begeleiding. Deze begeleiding vormt een aanvulling op de begeleiding die het UWV doet om mensen aan een passende baan te helpen. Deze aanvulling blijkt echter noodzakelijk te zijn omdat uitzendbureaus gezamenlijk een enorm netwerk hebben en daardoor snel kunnen schakelen. Werkzoekenden die een relevante cv hebben kunnen door het juiste uitzendbureau snel aan een schikte baan worden geholpen.

Leren lassen

Lassen is het maken van onuitneembare verbindingen tussen materiaal waarbij de uitgangsmaterialen in elkaar worden versmolten door het verhogen van de temperatuur van de contactvlakken. Deze korte definitie zal je niet in studieboeken over lassen aantreffen omdat deze is opgesteld door Pieter Geertsma van Technischwerken.nl. Toch is de definitie breed genoeg om alle verschillende soorten lasprocessen te omvatten. Er zijn een aantal basisaspecten die je moet weten voordat je kunt leren lassen. Hieronder staan een aantal belangrijke aspecten die van belang zijn als men wil leren lassen. Uiteraard wordt daarbij begonnen met algemene aspecten die bij het lassen aan de orde komen. Voor lassen is namelijk ook theoretische kennis nodig.

Smeltbad tijdens lassen
Als je wilt leren lassen is het belangrijk te weten dat bij lassen het maken van een goed smeltbad tussen het uitgangsmateriaal en eventueel het lastoevoegmateriaal van groot belang is voor het creëren van een kwalitatief goede lasverbinding.Het smeltbad is een term die wordt gebruikt voor het vloeibaar maken van de contactvlakken van de materialen die aan elkaar moeten worden verbonden. Dit smeltbad ontstaat door het verhogen van de temperatuur. Dat kan echter op verschillende manieren gebeuren. Zo maakt men bij autogeen lassen gebruik van een brander en maakt men bij MIG/MAG lassen en BMBE lassen gebruik van een elektrische vlamboog of plasmaboog. In het smeltbad kan men ook lastoevoegmateriaal aanbrengen waardoor het smeltbad groter wordt.

Beschermgas
Het is belangrijk dat het smeltbad niet verontreinigd raakt en goed beschermd wordt doormiddel van een beschermgas of backinggas. Dit gas is bij MAG lassen een actief gas, vandaar ook de Metal Active Gas. Actief gas is meestal CO2. Er zijn ook lasprocessen waarbij gebruik wordt gemaakt van een inert beschermgas. Voorbeelden hiervan zijn MIG lassen (afkorting staat voor: Metal Inert Gas) en TIG lassen (Tungsten Inert Gas). Een inert beschermgas zoals argon of helium beschermt het smeltbad nog beter tegen verontreiniging tijdens het lassen en zorgt er voor dat er geen corrosieve werking optreed tijdens het lassen.

Materialen die je kunt lassen
Bij het woord lassen denkt men meestal aan het maken van een onuitneembare verbinding tussen metalen maar met bepaalde lastechnieken kan men echter ook kunststoffen aan elkaar verbinden. Denk hierbij aan het spiegellassen waarbij de uiteinden van twee kunststofleidingen aan elkaar worden verbonden nadat ze eerst tegen een gloeiendhete ‘spiegel’ zijn aangedrukt. Omdat de meeste mensen lassen en lastechniek koppelen aan de metaalsector wordt in deze tekst de nadruk gelegd op de toepassing in de metaaltechniek. In de metaalsector wordt lassen veelvuldig toegepast wanneer de verbinding niet uitneembaar moet zijn. Metaal kan men over het algemeen beter aan elkaar lassen dan lijmen. Ook is een lasverbinding vaak veel effectiever dan een verbinding die doormiddel van solderen tot stand komt.

Ferro of non-ferro
Lasverbindingen worden in de metaalsector toegepast bij verschillende metaalsoorten. Deze metaalsoorten worden onderverdeeld in ferro en non-ferro. Bij ferro-metalen en legeringen bestaat het hoofdbestandsdeel uit ijzer wat gevoelig is voor corrosie of roest. Een voorbeeld hiervan is koolstofstaal dat veel wordt gebruikt in de staalconstructie vanwege de stevigheid en verhoudingsgewijs gunstige prijs. Bij ferro-metaal en legeringen maakt men over het algemeen gebruik van actief gas.

Non-ferro metalen zijn minder gevoelig voor corrosie of hebben een oxidelaag die het onderliggende materiaal goed beschermd zoals bij zink en aluminium het geval is. Soms zegt men dat non-ferrometalen edeler zijn dan ferro-metalen maar dat is niet altijd het geval. Zo staat zink in het periodiek systeem der elementen lager dan ferro terwijl zink toch veel beter bestand is tegen corrosie. Denk hierbij aan het verzinken van staal waarbij het zinklaagje het onderliggende staal beschermd tegen roest.

Non-ferro metalen worden ook wel inerte metalen genoemd en worden daarom gelast met een inert beschermgas of backinggas. Een aantal voorbeelden van Non-ferro metalen zijn aluminium, nikkel en zink. Sommige legeringen bevatten echter wel ijzer maar worden toch beschouwd als non-ferro zoals roestvaststaal dat ook wel bekend is onder de afkorting rvs. Het materiaal dat gelast wordt noemt men ook wel uitgangsmateriaal en bepaald in belangrijke mate welk lastoevoegmateriaal gebruikt kan worden. Het spreekt voor zich dat men voor inert uitgangsmetaal ook een inert lastoevoegmateriaal (lasdraad) gebruikt.

Lasposities
Een las kan in verschillende posities worden aangebracht. Daarbij kan men bijvoorbeeld denken aan onder de hand lassen maar ook recht omhoog lassen wat ook wel stapelen wordt genoemd. Andere posities zijn uit de zij lassen en boven het hoofd lassen. Dit zijn verschillende lasposities en verschillen ook in complexiteit. Zo is boven het hoofd lassen veel moeilijker dan onder de hand lassen.

MLT en IWT
De hiervoor genoemde alinea’s beschrijven algemene informatie die een lasser moet weten om een goede lasverbinding te kunnen maken. Gelukkig hoeft een lasser op theoretisch vlak niet alles te weten. Daarvoor zijn lasspecialisten oftewel lastechnici. Deze specialisten hebben veel kennis van lastechniek en hebben vaak een opleiding Middelbaar Lastechnicus gevolgd. Deze opleiding wordt ook wel afgekort met MLT. Ook de opleiding IWT is mogelijk, dit staat voor International Welding Technologist. In de praktijk heeft men het ook wel over een IWT-er of een MLT-er. Deze specialisten kunnen een lasmethodebeschrijving opstellen of een welding procedure specification. Daarover lees je in de volgende alinea meer

Lasmethodebeschrijving of welding procedure specification
Lassers moeten weten hoe een lasverbinding tot stand moet worden gebracht. Vooral bij complexere werkstukken van hoogwaardige legeringen is het belangrijk dat een lasser precies weet wat er van hem of haar verwacht wordt. Dat is overigens ook het geval bij constructies die worden gemaakt voor de bouw en offshore waarbij een lasser een uitstekende lasverbinding moet leggen omdat er anders grote gevaren kunnen ontstaan met betrekking tot de constructieve stevigheid van producten en constructies.

Bij dergelijke laswerkzaamheden wordt gebruik gemaakt van een welding procedure specification (wps) of een lasmethodebeschrijving (lmb). Deze duidelijke omschrijvingen zijn meestal opgesteld door een International Welding Technologist of een Middelbaar Lastechnicus. In een lasmethodebeschrijving of welding procedure specification staat informatie over het lastproces dat gehanteerd moet worden door de lasser maar ook het lastoevoegmateriaal, het beschermgas en de laspositie die de lasser moet hanteren voor het maken van de lasverbinding. In de praktijk zullen lassers voor het maken van dergelijke lasverbindingen ook persoonlijk gecertificeerd moeten worden. Dit houdt in dat de lasser een lascertificaat moet behalen die gekoppeld is aan zijn of haar naam.

Lasvaardigheid leren
Uit de alinea’s hierboven komt naar voren dat het maken van een lasverbinding niet eenvoudig is. Er is behoorlijk wat theoretische kennis voor nodig om een goede lasverbinding te maken. Het leren van lasvaardigheid is vooral een kwestie van toepassen. Dat houdt in dat men zelf regelmatig moet oefenen met lassen. Dan leert men namelijk een goed smeltbad maken en leert men ook wat het effect is van warmte op metaal. Er ontstaat namelijk krimp en rek in een werkstuk als men bepaalde gedeelten verwarmt en andere gedeelten niet verwarmt. Het lassen is namelijk vooral het lokaal verhitten van het werkstuk.

Een lasser kan echter ook een gedeelte van het werkstuk voorgloeien. Ook dit is beschreven in de lasmethodebeschrijving of welding procedure specification. Lassers zijn vooral praktijkmensen en daarom is het verstandig om met collega-lassers informatie uit te wisselen over hoe een lasverbinding gemaakt kan worden. Veel lassers hebben door jaren ervaring zichzelf truckjes aangeleerd met betrekking tot het vasthouden van de lastoorts en het instellen van het lasapparaat. Lassen is wat dat betreft echt een beroep dat je in de praktijk moet leren. Veel lassers hebben thuis ook een lastoestel staan waardoor ze ook thuis hun lasniveau op peil kunnen houden.

Uiteraard is het verstandig om een lasopleiding te volgen bij een opleidingsinstituut dat goed bekend staat. Veel technische mbo-scholen bieden lasopleidingen aan. Daarnaast heeft ook het Nederlands Instituut voor Lastechnieken (NIL) veel informatie over lastechniek. Lasopleidingen  die erkend zijn door het NIL hebben meerwaarde op de arbeidsmarkt.

Veiligheid en lassen
Lassen is overigens een beroep met risico’s. Tijdens het lassen maakt men gebruik van hoge temperaturen waardoor er een risico is op brand. Daarnaast wordt tijdens het lassen ook een zeer schadelijk UV-licht geproduceerd waartegen de ogen beschermd moeten worden. Lassers moeten in de praktijk altijd de voorschreven persoonlijke beschermingsmiddelen dragen. Dit houdt in dat ze een vlamvertragende lasoverall moeten dragen en een lashelm. De lasdampen moeten worden afgezogen doormiddel van een goed ventilatiesysteem of een lasdampafzuiginstallatie.

Veiligheidsinstructie en personeelsinstructieformulier
Lassers moeten daarnaast ook andere materialen zoals slijptollen en slijpmachines gebruiken conform de veiligheidsvoorschriften. Bedrijven zijn volgens de arbowetgeving verplicht hun werknemers te wijzen op veilig en verantwoord werken. Uitzendbureaus die lassers als uitzendkracht bemiddelen moeten de doorgeleidingsplicht hanteren. Dit houdt in dat deze uitzendbureaus bij de opdrachtgever de veiligheidsvoorschriften en de risico’s op de werkvloer moeten opvragen en doorgeven aan de uitzendkrachten die als lasser gaan werken. Op die manier worden lassers voor de aanvang van de werkzaamheden op de hoogte gebracht van de veiligheidsrisico’s die aan het laswerk verbonden zijn en de manier waarop de veiligheidsrisico’s beperkt kunnen worden. Dit gebeurd onder andere door een personeelsinstructieformulier die veel VCU gecertificeerde uitzendbureaus hanteren.

 

Aantal uitzendbanen neemt toe in 2018

Uitzendbureaus zijn belangrijk voor de arbeidsmarkt. Veel mensen die zonder werk zijn geraakt vinden via een uitzendorganisatie weer een betaalde baan. Meestal is dit in eerste instantie op flexibele basis bijvoorbeeld doormiddel van een plaatsing op basis van uitzendbeding. Uitzendbureaus verstekken echter ook steeds vaker uitzendcontracten en bepaaldetijdscontracten aan uitzendkrachten die daardoor in feite detacheringskrachten worden. Uitzendkrachten vangen vaak de piekdrukte in de productie van bedrijven op maar worden ook steeds vaker ingezet op structurele beschikbare FTE’s.

Meer vraag naar uitzendkrachten
Het gaf donderdag 21 december 2017 aan dat ongeveer dertig procent van de mensen in de WW via een uitzendbureau een baan vond in 2016. Voor de komende jaren heeft het UWV de verwachting uitgesproken dat het aantal banen via uitzendbureaus met 4,5 procent zal toenemen. Het aantal uitzenduren zal daardoor waarschijnlijk ook toenemen evenals de omzet en de marge die uitzendbureaus zullen behalen in 2018.

Sectorgerichte uitzendbureaus
Er zijn in Nederland algemene uitzendbureaus gevestigd maar ook gespecialiseerde uitzendbureaus die specifiek personeel aanbieden in een bepaalde sector. Deze sectorgerichte uitzendbureaus kunnen hun specialisme en hun kennis van een bepaald marktsegment inzetten om uitzendkrachten en opdrachtgevers op een zo goed mogelijke wijze bij elkaar te brengen. Vooral technische uitzendbureaus en VCU gecertificeerde uitzendbureaus merken dat er steeds meer vraag is naar technisch personeel op zowel flexibele als vaste basis. Met andere worden er is zowel vraag naar flexkrachten zoals uitzendkrachten maar is ook vraag naar techneuten die in vast dienstverband willen en kunnen treden. Deze kans op werk in de techniek en bouw is groter in 2017 dan tijdens de economische crisis.

Dertig procent WW-ers vond werk via uitzendbureau in 2016-2017

Ongeveer een derde van de mensen die een uitkering ontvangen in het kader van de Werkloosheidswet  gaat als uitzendkracht aan de slag. In 2016 waren dat meer dan 93.000 mensen die vanuit de WW een baan vonden bij een uitzendbureau. Deze cijfers werden bekend gemaakt door uitkeringsinstantie UWV.  Aan de andere kant komen ook uitzendkrachten waarvan het uitzendcontact afloopt verhoudingsgewijs vaker in de WW terecht ten opzicht van werknemers die een vast contract hebben. Deze gegevens werden donderdag 21 december 2017 bekend gemaakt door het UWV. Hoewel deze cijfers gebaseerd zijn op 2016 blijkt uit de enorme toename in het aantal uitzenduren van uitzendbureaus in 2017 dat ook dit jaar er veel werklozen aan het werk zijn gegaan via uitzendbureaus.

Uitzendbureaus en de economie
Uitzendbureaus merken vaak als eerste dat de economie aantrekt. Veel uitzendondernemingen zien het aantal vacatures voor tijdelijke functies toenemen op de arbeidsmarkt en bemiddelen daar (tijdelijk) personeel voor. Uitzendwerk is voor een steeds grotere groep werkzoekenden interessanter geworden nu de economie aantrekt. Dat komt omdat uitzendkrachten dikwijls vanuit de flexibele schil doorgroeien naar een rechtstreeks dienstverband bij de inlenende organisatie. Steeds meer bedrijven willen namelijk nu het structureel beter lijkt te gaan met de economie ook investeren in een stabiel personeelsbestand. Uitzendkrachten die tijdens hun uitzendfases hebben gewerkt bij een bedrijf kunnen steeds vaker in aanmerking komen voor een tijdelijk contract bij een de inlener maar vaste contracten worden ook vaker verstrekt.

Loopbaanperspectief en uitzendwerk
Uitzendwerk biedt daarom de afgelopen jaren meer loopbaanperspectieven dan de periode van de economische crisis. Geen wonder dat steeds meer mensen vanuit de WW kiezen voor uitzendwerk. Werken bij een uitzendbureau kan laagdrempelig zijn maar dat hoeft niet. Er zijn ook veel specialistische uitzendbureaus met uitdagende vacatures bij diverse opdrachtgevers. Denk hierbij aan een technisch uitzendbureau of een VCU uitzendbureau. Er zijn ook uitzendbureaus die speciaal gericht zijn op de transport of er zijn bouwuitzendbureaus.

Specialistische uitzendbureaus
Gespecialiseerde uitzendbureaus kunnen vaker werkzoekenden met een specifieke achtergrond in een bepaalde sector aan een baan helpen. Uitzendbureaus worden tegenwoordig steeds meer loopbaanbureaus omdat ze ook werkzoekenden helpen met een keuze voor een bepaalde richting of sector. Daarnaast geven uitzendbureaus ook steeds vaker een opleiding aan uitzendkrachten. Daardoor worden uitzendkrachten daadwerkelijk geholpen om structureel aan het werk te blijven en niet meer in de WW terecht te komen.

Technische uitzendbureaus en bouw uitzendbureaus
Met name uitzendbureaus in de techniek en bouw merken dat er steeds meer werk is voor uitzendkrachten. Er zijn veel vacatures in de bouw voor timmermannen, installatiemonteurs en elektromonteurs. Werkzoekenden met een bouwtechnische en metaaltechnische achtergrond zijn nauwelijks nog beschikbaar op de arbeidsmarkt. Dat komt omdat veel van deze personeelsleden zijn uitgestroomd uit de bouw en techniek tijdens de economische crisis en zijn omgeschoold of met pensioen zijn gegaan. Er ontstaat een spreekwoordelijk gat op de arbeidsmarkt dat opgevuld moet worden met nieuwe technische arbeidskrachten. Daarom worden door Technische uitzendbureaus en VCU uitzendbureaus steeds meer opleidingen aangeboden. In de economische crisis waren BBL trajecten nog nauwelijks aan de orde, tegenwoordig is dat heel anders en worden dergelijke opleidingstrajecten veel vaker door uitzendbureaus aangeboden.

Hoe werkt het intakeproces van een (technisch) uitzendbureau?

Het inschrijfproces van uitzendkrachten start bij de sollicitatie. Deze sollicitatie kan zowel digitaal als face to face op de vestiging verlopen. Kandidaten en sollicitanten kunnen zowel digitaal/ online solliciteren op bepaalde vacatures maar ook een open sollicitatie richting het uitzendbureau doen. Een andere manier van solliciteren is bij de inloop, als een kandidaat de vestiging bezoekt en zich wil inschrijving. De open inschrijving is ook een vorm van open sollicitatie. Uitzendbureaus zijn overigens intermediairs dit houdt in dat deze arbeidsbemiddelingsbureaus op de arbeidsmarkt als tussenschakels functioneren.

Uitzendbureaus halen vacatures van hun opdrachtgevers binnen en delen deze vacatures op hun eigen website, jobboards en social media. De sollicitanten die bij een uitzendbureau solliciteren zullen daarom in veel gevallen niet rechtstreeks bij het uitzendbureau willen werken maar via het uitzendbureau bij de opdrachtgever aan de slag gaan. Hierdoor is het uitzendbureau de formele werkgever die het loon van de uitzendkracht betaald en is de inlenende partij de dagelijkse toezichthouder en operationele werkgever. Een uitzendbureau zal trachten een zo goed mogelijke kandidaat voor haar opdrachtgevers te selecteren. Hieronder is in een aantal alinea’s uitgelegd hoe dit proces wordt uitgevoerd. Deze tekst is grotendeels geschreven door Tjerk van der Meij die bij het VCU gecertificeerde uitzendbureau Technicum zijn HBO stage heeft gevolgd.

Beoordeling cv en competenties
Als een kandidaat heeft gesolliciteerd op een vacature bij een uitzendbureau zal de werknemer van het uitzendbureau deze sollicitatie moeten beoordelen. Deze werknemer kan een intercedent zijn maar ook een vestigingsmanager. Tijdens de selectie zal de medewerker van het uitzendbureaus starten met het inschatten van de competenties van de sollicitant. De cv van de sollicitant wordt beoordeeld op zowel de (werk)ervaring, opleidingen, diploma’s en natuurlijk wordt beoordeeld of de kandidaat bij de organisatie past waar het uitzendbureau de vacature van heeft ontvangen. Bij de open sollicitaties wordt de sollicitant op dezelfde criteria beoordeelt en zoekt het uitzendbureau vervolgens een passende vacature bij de persoon.

Als de kandidaat geschikt is, wordt hij of zijn (na toestemming van de kandidaat) in het systeem opgenomen en gaat het proces verder. Mocht de kandidaat niet geschikt geacht worden, dan wordt hij of zij eerst niet voorgesteld maar wordt de persoon door de intercedent wel in het systeem gezet. Mocht er later wel een interessante vacature worden gevonden dan kunnen de gegevens van de kandidaat worden gevonden in het systeem. De kandidaat wordt in dit geval slechts voorlopig afgewezen.

Intakegesprek op de vestiging
Zowel bij de online inschrijving als de inschrijving op de vestiging nodigt de consultant de kandidaat uit voor een intakegesprek. Bij het intakegesprek komen een inschrijfformulier aan de orde. Sommige uitzendbureaus werken naast een inschrijfformulier met een bemiddelingsovereenkomst, die later aan bod zal komen. Tijdens het intakegesprek maakt het uitzendbureau hoofdzakelijk kennis met de kandidaat en wordt er gekeken wat voor type mens en werknemer de kandidaat is.

Het inschrijfformulier wordt ingevuld door de kandidaat, hier kunnen de volgende gegevens op komen te staan:

  • De personalia van de kandidaat
  • Hoe de kandidaat met het uitzendbureau in contact is gekomen
  • Referenties die het uitzendbureau kan inwinnen
  • Beschikbaarheid van de kandidaat, in uren per week en in wat voor dienst verband. (Fulltime, parttime, ploegendienst)
  • Functiebeperkingen: hierin komt te staan wat voor werkzaamheden de kandidaat niet wil uitvoeren
  • Gewenste functie, voornamelijk in welk segment. (Metaal, installatie, elektrotechniek, procestechniek, bouw en hout, productie/magazijn, etc.)
  • Reisbereidheid van de kandidaat
  • Salarisindicatie
  • Welke certificaten en diploma’s de kandidaat bezit
  • Maten voor eventuele werkkleding en werkschoenen

Tot zover het intakegesprek en het inschrijfformulier. Intercedenten van VCU gecertificeerde uitzendbureaus vragen vaak tijdens het intakegesprek en/of op het inschrijfformulier of de uitzendkracht in bezit is van VCA basis of VCA vol. Hieraan kan tijdens het gesprek dus ook aandacht worden besteed.

Daarnaast zal door de uitzendkracht ook tijdens het intakegesprek een overeenkomst voorgelegd worden waarmee de uitzendkracht toestemming geeft dat zijn of haar gegevens door het uitzendbureau worden verwerkt in het informatiesysteem en dat deze gegevens worden gebruikt om de uitzendkracht te bemiddelen.

Bemiddeling door het uitzendbureau
Wanneer al de hiervoor genoemde stappen zijn doorgenomen zal het uitzendbureau de uitzendkracht gaan bemiddelen bij opdrachtgevers en vacatures die passen bij het profiel dat in kaart is gebracht door de intercedent. De intercedent kan dit doormiddel van telefonisch contact doen met opdrachtgevers maar ook per mail. Meestal wordt een combinatie van beide methoden gebruikt waarbij het uitzendbureau eerst telefonisch contact heeft met de potentiële klant en daarna contact heeft via de mail om het cv te sturen. De communicatie naar de uitzendkracht of sollicitant verloopt op een vergelijkbare wijze.

Veel uitzendkrachten willen vaak van te voren weten waar ze worden voorgesteld door het uitzendbureau. Daarom communiceren intercedenten dit vaak ook van te voren met de uitzendkracht of sollicitant. Niet alle intercedenten benoemen daarbij ook de naam van de opdrachtgever. Andere intercedenten doen dit wel op basis van vertrouwen. Daar draait een hoop van de werkzaamheden van een intercedent om: vertrouwen. De sollicitant vertrouwt de intercedent dat hij of zij zorgvuldig met de persoonlijke gegevens omgaat en de opdrachtgever vertrouwd de intercedent dat deze een goede match maakt tussen de vacature en de kandidaat.